| 
(M/V) in De Wingerd ?
De Wingerd is een dynamische en continue groeiende instelling en
voert een non-discriminatiebeleid. Wij bieden een goede werksfeer,
flexibele werktijden, eerlijke verloning en maaltijdcheques. Onze
personeelsdienst zoekt voortdurend naar nieuwe medewerkers (m/v):
verpleegkundigen, verzorgenden, ergotherapeuten, animatoren, en
diverse functies ...
Momenteel kijken we in het bijzonder uit naar:
- 28-08-2007: logistiek polyvalent medewerkers
> onderhoud
> personenvervoer (rijbewijs B)
> deeltijds
- 28-08-2007: verpleegkundigen
> dagdienst
> deeltijds
- 28-08-2007: zorgkundigen en opvoeders
> dagdienst
> deeltijds
We nodigen jou uit spontaan te solliciteren, stuur vandaag nog
je CV en een begeleidende motivatiebriefje, naar De Wingerd of contacteer
mevrouw Nele Gaeremynck, verantwoordelijke bewonerszorg
en recrutering. Dat kan met de klassieke post of telefonisch op
het nummer 016/28.47.96; maar onze voorkeur gaat uiteraard uit naar
een electronisch berichtje: sollicitaties@wingerd.info.
Onze vacatures vind je ook op: www.vdab.be
Werken in de ouderenzorg
Een uitdaging ook voor jonge mensen
Gaat om raad bij de ouden van dagen,
want hun ogen
hebben de aangezichten der jaren aanschouwd
en hun oren hebben geluisterd naar de stemmen van het leven.
Zelfs wanneer hun raad u niet bevalt,
Sla er toch acht op.
Kahlil Gibran
In welke mate typeren deze woorden van Kahlil Gibran de basishouding
van waaruit wij met ouderen omgaan? Heeft oud worden in onze beleving
iets van dat positieve: “mensen die geluisterd hebben naar
de stemmen van het leven”, en van hieruit richting en zin
kunnen geven aan ons en hun bestaan? Of denken wij aan ouderen enkel
vanuit een deficiet-model waarin oud worden synoniem wordt van ziekte
en gebrekkigheid? Of denken wij helemaal niet aan ouderen?
Soms krijgt men de indruk dat ouder worden in onze maatschappij
een schandelijk geheim is waarover het onfatsoenlijk is te spreken.
Zo mag men bijvoorbeeld aan iemand die ouder wordt niet naar de
leeftijd vragen. Een auteur van stripverhalen was verplicht een
hele serie over te maken omdat hij een omdat hij een stel grootouders
bij zijn personages had gevoegd. “Haal die oudjes weg”,
werd hem opgedragen.
De manier waarop wij met oudere personen omgaan, de wijze waarop
wij gezondheidszorg uitbouwen, de wijze waarop artsen, verpleegkundigen
en andere medewerkers zich gedragen ten aanzien van de oudere is
mede bepaald door de visie die de samenleving heeft en elk van ons
heeft op oud worden en oud zijn. Ook het beeld dat de oudere van
zichzelf heeft, de wijze waarop hij dekt en voelt, wordt bepaald
door het maatschappijbeeld van waaruit wij allen leven.
We kunnen ouder worden bekijken als een noodlot, maar we kunnen
het ook zien als een kans. Als men een mens niet meer louter zou
afwegen op grond van rationele, functionele en prestatienormen zouden
vele stereotypen van waaruit men nu naar ouderen kijkt wegvallen.
Misschien kunnen we op dat vlak ook iets leren vanuit de spontaniteit
van kinderen. Laat even het beeld over ouderdom doordringen dat
spreekt uit volgend opstel van een kind over oma. “Een grootmoeder
is een dame die zelf geen kinderen heeft, maar ze houdt van de dochtertjes
van anderen. Een grootvader is een man - grootmoeder. Hij gaat wandelen
met de jongens en ze praten over tractors en vissen en zulks soort
dingen. Grootmoeders hoeven niets anders te doen dan er te zijn.
Ze zijn oud, dus ze kunnen niet druk spelen of rennen. Het is genoeg
dat zij ons meenemen naar de supermarkt waar een hobbelpaard is,
en zij hebben hopen centjes daarvoor bij zich. Of als zij ons meenemen
op een wandeling, lopen ze zo langzaam langs leuke bloemetjes of
rupsen. Ze zeggen nooit: “schiet op”. Gewoonlijk zijn
ze dik, maar niet te dik om de schoenen van kinderen dicht te maken.
Ze dragen brillen en grappig ondergoed. Ze kunnen hun tanden en
hun tandvlees uit de mond nemen. Het is maar goed dat zij niet kunnen
typen of kaartspelen, behalve met ons. Ze hoeven niet knap te zijn,
alleen vragen te kunnen beantwoorden zoals: waarom honden katten
haten, en hoe het komt dat God niet getrouwd is. Zij praten niet
over moeilijke dingen die wij niet kunnen begrijpen. Als zij ons
voorlezen slaan ze geen stukje over en het kan ze niet schelen of
het alweer hetzelfde verhaaltje is. Iedereen moet er proberen één
te hebben, want grootmoeders zijn de enige volwassenen die tijd
hebben”.
Naar ouderen kijken door de blik van kinderen is een echte uitnodiging
om door vlakke opvattingen heen te kijken en te zien hoe bejaarden
geen groep apart zijn, maar een deel van elk van ons. De veertiger
is nu reeds 50 % van de tachtiger die hij ooit hoopt te worden.
Vanuit de eenvoud van dit kinderopstel klinkt de diepe boodschap
door van de onvervangbare waarde van elke oudere.
Met deze gedachten proberen we iets te schetsen van wat denken
aan werken in de ouderenzorg zou kunnen oproepen. Het is opvallend
als wij praten met verpleegkundigen die het ziekenhuis achter zich
gelaten hebben om te werken in de ouderenzorg hoe dit ervaren wordt
als een voldoeninggevende wereld, met tal van zeer intense en zinvolle
ervaringen. Het technisch handelen ruimt er plaats voor meer relationele
contacten. De verpleegkundige is er veel meer een zelfstandig werkende
persoon met mensen dan een uitvoerder van allerlei voorschriften
van artsen. De vele kortstondige ontmoetingen van in het ziekenhuis,
voor zover men kan spreken van echte ontmoetingen in het snelle
komen en gaan in het ziekenhuis, worden ingeruild voor langdurende
relaties niet alleen met de bewoners maar ook met hun familieleden.
Men wordt in plaats van iemand die even wat technische bijstand
verleent op een kritisch moment in het leven van de patiënt,
die daarna weer onmiddellijk uit het gezichtsveld verdwijnt, een
begeleider op de levensweg van bewoners en hun familieleden. Men
wordt iemand die beklijft in hun leven. Niet het toevoegen van jaren
aan het leven is de eerste zorg, maar het toevoegen van leven aan
de jaren.
In tegenstelling met de ziekenhuiswereld komt men hier veel meer
binnen in de familiale wereld. Je wordt niet alleen de begeleider
van bewoners maar van ganse families. Er bestaan geen bezoekuren.
Familie is op elk moment welkom. Zij komen thuis in het huis van
hun vader, moeder, familielid, … Als men wil dat de oudere
maximale aandacht krijgt, is het ook belangrijk steun te geven aan
de familie, want het impact van leven met een zorgbehoevende vader,
moeder, grootmoeder of grootvader weegt zwaar op families. Als de
familieleden goed worden bejegend, het gevoel krijgen erbij te horen,
“brengen ze leven binnen het leven”.Elk familielid is
uniek en elk van hen brengt iets binnen van het verleden van deze
bewoner in zijn heden.
Niet alles is verlies in de voortschrijdende ouderdom. Soms ervaren
kinderen tegenover hun ouders een nieuwe en aparte nabijheid en
intimiteit, die ze zelden voorheen hebben ervaren. Het is wennen
aan het plotse publieke karakter van de relatie, aan de confrontatie
met een soort nieuwe familie in de leefgroep, aan dienstverleners
met een professionele stijl. Maar het omgaan met een vader of moeder
die zo zacht en breekbaar is geworden, zo afhankelijk en toch weer
in een zo eigen wereld, brengt in deze haastige wereld bij momenten
een oase van onthaasting, van andere waarden, die uitnodigt tot
nadenken, tot verwijlen en tot nieuwe intimiteit, die mensen anders
naar mensen leert kijken.
Wij zijn ervan overtuigd dat het werken in de ouderenzorg ook voor
de medewerkers een wereld van zingeving kan openen die een diepere
dimensie toevoegt aan hun eigen leven.
Prof. E. Keirse, voorzitter De Wingerd VZW
|